This website is an archive of the work of Marietje Schaake in the European Parliament between 2009 and 2019. Marietje can be reached at marietje.schaake@ep.europa.eu

Parlementaire vraag: Recent G8 „Non-paper betreffende bescherming van intellectuele eigendomsrechten”

Marietje

Parlementaire vragen

19 april 2012 E-004052/2012 Vraag met verzoek om schriftelijk antwoord aan de Raad Artikel 117 van het Reglement Marietje Schaake (ALDE) Betreft: Recent G8 „Non-paper betreffende bescherming van intellectuele eigendomsrechten” Afgaande op het recentelijk gelekte „Non-paper betreffende bescherming van intellectuele eigendomsrechten”(1) lijkt het G8-intergouvernementele forum het grondwerk te verrichten voor een nieuwe internationale wettelijke reactie op namaak en piraterij, die een geïntegreerd waarschuwingssysteem en een pleidooi door de G8-landen om hun wettelijke en regelgevende regimes te verstevigen, zou omvatten. Verschillende EU-lidstaten (Frankrijk, Duitsland, Italië en het Verenigd Koninkrijk) nemen deel aan het G8-forum. Het document roept verschillende vragen op: 1. Wat vindt de Raad van dit G8-ontwerpinitiatief, en is er enige strategie voor de hele EU betreffende deelname aan dergelijke multilaterale fora, en in het bijzonder aan de voorbereiding van het Non-paper betreffende bescherming van intellectuele eigendomsrechten? 2. Kan de Raad bevestigen of de Commissie betrokken is, in het bijzonder in verband met het algemene commerciële beleid, bij de voornoemde voorbereidingen van de grote lidstaten van en deelname aan het G8-forum? 3. Is de Raad het ermee eens dat de overheden van de betrokken lidstaten in plaats daarvan zouden moeten opteren voor het tegenhouden van namaakproducten middels een sectorspecifieke benadering? Indien niet, waarom beschouwt hij een sectorspecifieke benadering als minder effectief? 4. Kan de Raad uitleggen wat de overheden van die lidstaten beschouwen als „gepaste actie tegen onwettige websites”? Wat voor soort website is onwettig? Wat soort actie is gepast? 5. Is de Raad het ermee eens dat, door het gebruik van onlinebetalingsdiensten om diegenen te benadelen die namaakproducten produceren of verhandelen, de betrokken overheden rechtshandhaving zouden uitbesteden aan particuliere partijen? Indien wel, kan de Raad aangeven of hij vindt of deze benadering in lijn is met huidige EU-wetgeving? 6. Is de Raad het ermee eens dat het uitbesteden van rechtshandhaving (a) risico-aversie door betalingsverwerkers zou kunnen aanmoedigen, en zodoende mogelijkerwijs de kasstroom naar legitieme handelaars afsluiten, (b) zou kunnen leiden tot het opleggen van buitensporige boetes door bedrijven, waarvan zaken al zijn gerapporteerd(2), en (c) zou kunnen resulteren in (voornamelijk Amerikaanse) multinationale bedrijven die als niet-juridische handhavingsdiensten optreden? Als de Raad het er niet mee eens is dat ieder van de bovengenoemde punten een mogelijk gevolg is, waarom dan niet? 7. Is de Raad het ermee eens dat wanneer mogelijke schenders nagetrokken kunnen worden via onlinebetalingsdiensten, ze onderzocht en gearresteerd moeten worden door openbare rechthandhavingsinstanties in plaats van financieel verminkt te worden? Indien niet, waarom niet? (1) http://tinyurl.com/G8IPRnon-paper (2) http://chaordicmind.com/blog/2009/08/06/mastercard-kicks-it-up-a-notch-with-fine-schedule/