​Eindelijk zegt het bedrijfsleven openlijk dat China een bedreiging vormt, constateren Europese politici tevreden

De Correspondent
Marietje

Een brug in Kroatië die met Europees geld wordt gebouwd door een Chinees staatsbedrijf. Een Britse kerncentrale, van grote strategische waarde voor de economie van het land, is deels in handen van China.

Het kan allemaal in Europa.

Lange tijd zag de EU dit nauwelijks als een probleem. Elk jaar reist de Delegatie voor de betrekkingen met Volksrepubliek China af naar Beijing, met Europarlementariërs die er ‘constructieve gesprekken’ voeren met Chinese ministeries. Die doen dan vaak toezeggingen dat meer sectoren van de Chinese economie toegankelijk worden voor Europese bedrijven en dat ze economische hervormingen zullen doorvoeren, zoals mogelijk afbouwen van subsidies in bepaalde sectoren.

Mondjesmaat gebeurt dat ook, zij het tergend langzaam. China zag zich ook niet genoodzaakt haast te maken: sancties, een handelsboycot of protectionistische maatregelen om de Europese markt te beschermen, had het land niet te vrezen – en zijn nog altijd niet aan de orde. Bovendien traden de afzonderlijke lidstaten niet gezamenlijk op, omdat ze hun eigen belangen voor lieten gaan. De stemming is echter omgeslagen. Het Europese bedrijfsleven krijgt steeds meer last van wat het ziet als oneerlijke concurrentie. Dat blijkt onder meer uit een openhartig rapport dat de invloedrijke Duitse werkgeversorganisatie Bundesverband der Deutschen Industrie (BDI) in januari dit jaar publiceerde, over de vraag hoe Europa moet omgaan met de Chinese, door de staat gecontroleerde economie. Maar daarover later meer.

(...) 

Terug naar het rapport van het BDI. Marietje Schaake (D66), Europarlementariër en lid van de commissie Internationale Handel, ziet het als een doorbraak. Want doorgaans durven Europese bedrijven of
belangenorganisaties hun grieven niet zo duidelijk op tafel te leggen, uit angst voor tegenmaatregelen door de Chinese autoriteiten.

Schaake: ‘Ook in Europa zullen de politiek en het bedrijfsleven meer met elkaar moeten optrekken. Maar dan moeten bedrijven wel voor principes kiezen en zich niet altijd laten verleiden door een "kortetermijngoudkoorts", waardoor ze toch steeds hun oren naar Beijing laten hangen. Het kan niet zo zijn dat de politiek alleen komt klagen in China en bedrijven alleen maar komen om te verkopen.’

Wat Schaake betreft, moet de EU snel een strategie ontwikkelen tegenover China, waarin de lidstaten met één stem spreken. ‘Brussel moet daarin verschillende thema’s samenbrengen, zoals handel, militaire investeringen, mensenrechten en milieu. En daarin een mechanisme opnemen waarmee je zaken kunt toetsen. Zoals fusies en overnames, waarbij Chinese bedrijven betrokken zijn, Chinese onderzoekers die hier komen werken op universiteiten, en de bescherming van intellectueel eigendom. Europa moet net als China een langetermijnvisie hebben en heldere standpunten innemen.’

Betere samenwerking is al in de maak. Afgelopen donderdag stemde het Europarlement in met een (vrijwillig) screeningsmechanisme, bedoeld voor niet-Europese bedrijven die in de EU willen investeren. Nationale regeringen stellen de criteria vast waarop wordt gecontroleerd en landen besluiten afzonderlijk of ze bepaalde investeringen tegenhouden of niet. Maar er zal meer overleg zijn over die besluiten.

Niet alleen in Brussel, ook in Den Haag is er veel belangstelling voor de voorstellen van de Duitse werkgevers. Al een jaar werkt de regering aan een Nederlandse China-strategie die ze voor 1 mei wil presenteren.

De strategie is een beladen onderwerp omdat er zoveel verschillende belangen mee zijn gemoeid. Regeringspartijen CDA, VVD, D66 en de ChristenUnie laten dan ook niets los over de inhoud ervan. GroenLinks daarentegen nam er alvast een voorschot op en publiceerde begin februari een eigen China-paper, waarin partijleider Jesse Klaver en buitenlandspecialist Bram van Ojik pleiten voor ‘een reset’ van de relatie, door ‘grenzen te stellen’ aan de samenwerking met China en vooral niet naïef ‘doordenderen’.

LINK: https://decorrespondent.nl/9186/eindelijk-zegt-het-bedrijfsleven-openlijk-dat-china-een-bedreiging-vormt-constateren-europese-politici-tevreden/132456957468-a2b2721d 































































































Voor De Correspondent schreef ik daar eind 2018 dit verhaal over... (BRI) in gang en in 2015 lanceerde de regering ‘Made in China 2025’.

...en dit verhaal. Het BRI-project, beter bekend als de Nieuwe Zijderoute, moet continenten met elkaar verbinden, de wereldhandel bevorderen én de economische en politieke macht van China vergroten.