Onderhandelingen over vrijhandelsakkoord tussen Verenigde Staten en de Europese Unie gaan tweede jaar in
Straatsburg, Brussel
Ze staan er ongetwijfeld weer glunderend bij vanmiddag in Brussel: de Amerikaanse en de Europese hoofdonderhandelaars die hun grootmachten naar een vrijhandelsakkoord moeten leiden. Aan het einde van de zesde overlegronde, die de hele week duurde, zal het woord 'voortgang' weer vaak klinken en zal de Amerikaan Dan Mullaney zijn Spaanse gesprekspartner Ignacio García Bercero weer bedanken voor het stralende zomerweer in de EU-hoofdstad.
Maar het overleg tussen de grootste twee handelsblokken van de wereld, dat nu precies een jaar aan de gang is, verloopt moeizaam, door zowel interne als externe factoren. De thema's zijn onnoemelijk breed, ingewikkeld en tijdrovend. Tegelijk zijn er aan beide kanten van de Atlantische Oceaan ongekende maatschappelijke krachten losgekomen. Burgers en organisaties vertrouwen het niet wat de 'hoge heren' allemaal bekokstoven in Brussel en Washington.
Die weerstand bleek dinsdag ook in Straatsburg, waar het Europees Parlement over het handelsoverleg debatteerde met eurocommissaris Karel De Gucht. Nou ja, debatteerde: bijna vijftig Europarlementariërs deden één voor één hun zegje. Zo noemde de Fransman Yannick Jadot van de Groenen het overleg illegaal vanwege de geheimzinnigheid en riep hij op tot onmiddellijke stopzetting. Na afloop mocht De Gucht zich in enkele minuten tijd tegen alle bezwaren verdedigen.
"Laten we proberen iets rationeler te blijven in deze discussie. Nooit is een handelsoverleg transparanter geweest dan dit", zo zei de handelscommissaris over de protesten tegen de schimmigheid. Hij zei dat 'paniekzaaiers' een verwrongen beeld van het overleg scheppen. Hij gaf tussen de regels door wel toe dat de Europese Commissie niet gewend is aan zoveel belangstelling voor een vrijhandelsoverleg, dat de commissie wel vaker heeft, maar dan in alle stilte. Een zekere vertrouwelijkheid bij zulke onderhandelingen is doodnormaal, aldus De Gucht.
Een andere vrees van de sceptici is dat een handelsakkoord met de Amerikanen zal leiden tot verlaging van allerlei Europese standaarden op het gebied van onder meer milieu en voedselveiligheid. De Gucht en zijn onderhandelaars beweren keer op keer dat dit niet zal gebeuren. "Dat wordt kennelijk niet geaccepteerd, de 'spin' over verlaging van standaarden wordt gewoon doorgezet", zegt Marietje Schaake (D66), die van alle Nederlandse Europarlementariërs het dichtst op het onderwerp zit. Ze is namens de liberale fractie woordvoerder over het handelsoverleg met de Amerikanen.
Schaake, die een eventueel handelsakkoord eerder een gouden kans voor Nederland heeft genoemd, vindt het 'niet zo raar' dat er na een jaar onderhandelen nog maar weinig concrete resultaten op tafel liggen. "Het is ook zo breed: van chemie tot chloorkippen en van financiële dienstverlening tot geografisch beschermde productnamen, zoals parmaham."
Om aan de roep om openheid te beantwoorden, publiceerde de commissie vorige week een tussenstand van het overleg. Het is een summier document. Elk gespreksonderwerp - een kleine dertig - krijgt een paar regels uitleg, waarbij opvalt dat de onderhandelaars bij sommige thema's nog niet erg ver lijken te zijn gekomen. Zelfs over iets basaals als het afschaffen van de (onderling toch al lage) handelstarieven lijkt een akkoord nog ver weg. Schaake hoopt dat in 2016 de definitieve handtekeningen kunnen worden gezet. "Tijdens het Nederlandse voorzitterschap van de EU, dat zou mooi zijn."
Ze vindt het goed dat het overleg zo veel losmaakt in de maatschappij; een teken dat het leeft. Maar Schaake hoopt wel dat deze kritische blik in Europa zich minder gaat richten op de eigen stokpaardjes en meer op de Amerikanen. "Ik zie een groot gebrek aan urgentie in de VS. We moeten de Amerikanen echt onder druk zetten. Het gaat hier steeds maar weer over die chloorkippen die we niet willen, terwijl veel belangrijkere punten niet worden aangekaart. Op het gebied van kwesties als openbare aanbesteding heeft Europa veel te winnen. De Verenigde Staten zijn nog veel te beschermend voor hun eigen industrie. Die markt moet open."
Omstreden clausule
We horen het al bijna twee jaar: een vrijhandelsakkoord tussen de EU en de VS is goed voor iedereen. Door het afschaffen van handelsbarrières en uniformiteit van regelgeving komt het geld bijna uit de lucht vallen: 545 euro per EU-gezin per jaar, zo is ons beloofd.
Maar deze optimistische geluiden zijn inmiddels overstemd door onheilstijdingen van maatschappelijke organisaties. Een van de grootste mikpunten is een mogelijke clausule over investeerdersbescherming. Daarmee mogen investeerders landen aanklagen als ze zich benadeeld voelen door nationale regelgeving. Volgens de critici ondergraaft dit de bewegingsvrijheid van overheden in de EU om bijvoorbeeld milieumaatregelen te nemen, en is de belastingbetaler de klos als de investeerder gelijk krijgt. De Europese Commissie heeft de onderhandelingen hierover stopgezet tot de resultaten bekend zijn van een onlangs afgesloten publieke consultatieronde.
Op 15 juli sprak Marietje Schaake in de plenaire zaal van het Europees Parlement over TTIP, u vindt haar speech hier.