Deze website is een overzicht van het werk van Marietje Schaake in het Europees Parlement tussen 2009 en 2019. Marietje is bereikbaar via marietje.schaake@ep.europa.eu

Media: Schaake: ‘Stop de digitale wapenhandel’ - Volkskrant opinie

Marietje

Terwijl Europa sancties oplegt aan Iran en Syrië, helpen Europese ICT-bedrijven diezelfde regimes bij het onderdrukken van burgers. Dat schrijft Europarlementariër voor D66 Marietje Schaake.

Europese, maar ook door Amerikanen geleverde technologieën spelen een essentiële rol bij het opsporen, censureren en bespioneren van dissidenten. Ook wordt er massaal afgeluisterd en in email- en sociale media accounts ingebroken. Het is de hoogste tijd voor stevige maatregelen. Een voormalig politiek gevangene in Iran vertelde onlangs hoe hij werd gemarteld en ontkende, maar werd geconfronteerd met letterlijke uitdraaien van sms’jes, e-mails en complete telefoon- en Skype-gesprekken. De autoriteiten wisten alles. Ontkennen en andere dissidenten beschermen werd daardoor onmogelijk. Het meest schokkend is niet eens meer het feit dat dergelijke regimes, geheime diensten en staatsbedrijven de grofste middelen tegen hun burgers inzetten. Dat weten we. Schokkender is het dat deze instrumenten in veel gevallen door Europese en Amerikaanse bedrijven worden geleverd. Inzicht Om welke ICT-producten en -diensten het precies gaat, weten we nauwelijks. Bedrijven weigeren vaak inzicht te geven welke producten aan wie zijn geleverd. Zij verschuilen zich in belastingparadijzen of achter juridische termen. Ook staan in contracten met klanten stevige vertrouwelijkheidclausules. EU-lidstaten zijn ieder voor zich verantwoordelijkheid voor controle op de export en weigeren vooralsnog op Europees niveau een oplossing of standaard te zoeken. Daardoor bestaan er grote verschillen in de handhaving en moeten we maar hopen dat regeringen hun eigen bedrijven controleren. Ik durf te betwijfelen of minister Rosenthal, die zegt internetvrijheid hoog in het vaandel te hebben, durft te garanderen dat Nederlandse ICT-bedrijven ‘schoon’ zijn en via de export niet meehelpen aan de mensenrechtenschendingen in de rest van de wereld. Dankzij effectieve onderzoeksjournalistiek en verklaringen van (gevluchte) activisten weten we steeds meer over de specifieke ICT-producten en hoe Europese bedrijven kennis delen en technische assistentie verlenen aan landen als Syrië en Iran. Momenteel werkt een team Italianen vanuit een bunker in Damascus aan een hypermodern monitoring center voor president Bashar al Assad, dat hem 100 procent controle zal geven over het (mobiele) internet- en telefoonverkeer. De EU moet alles uit de kast trekken om te voorkomen dat dit centrum operationeel wordt. Mobiel netwerk Sommige bedrijven verkopen vooral consumentenproducten en zijn daarmee gevoelig voor reputatieschade. Nokia Siemens kwam onder vuur te liggen, doordat het in 2008 het mobiele netwerk in Iran aanlegde. Vodafone was in Egypte betrokken bij het afsluiten van internet en mobiel verkeer, maar liet vervolgens nog wel propaganda-sms’jes van de regering-Mubarak door. Beide bedrijven raakten in opspraak en verloren klandizie. Vaker echter gaat het om bedrijven waarvan de meeste mensen nog nooit hebben gehoord. Terwijl de gebruikte technologieën soms net zo effectief en gevoelig zijn als wapens, is er nauwelijks transparantie of toezicht. De producten en diensten variëren van virussen die wachtwoorden stelen tot technieken die op afstand een microfoon of camera kunnen aan- of uitschakelen. In Nederland kan de politie met het GPS-signaal in een telefoon een vermist kind lokaliseren. Iran gebruikt hetzelfde signaal om te weten waar er meer dan tien mensen op een straathoek staan of om gevluchte dissidenten op te sporen. Apple ontwikkelt technologie waarmee camera’s op afstand kunnen worden uitgeschakeld: handig voor artiesten die geen illegale concertopnames willen, maar voor demonstranten in het Midden-Oosten is het een kwestie van leven of dood. Mensenrechten De strijd voor mensenrechten heeft zich verplaatst naar internet. Het EU-beleid sluit echter nog lang niet aan op deze nieuwe realiteit. Hoe zouden we reageren op een boekverbranding? We zouden op onze achterste benen staan. Terwijl het rond het Iraanse ‘halal-internet’ – waarbij het regime met één druk op de knop allerlei informatie censureert – oorverdovend stil is. Hoewel ik geen overregulering bepleit, moet de EU maatregelen nemen om mensen te beschermen en geloofwaardig te blijven. Bedrijven moeten worden gedwongen tot transparantie: aan wie leveren ze welke technologie en kennis? Lidstaten moeten samenwerken, het bedrijfsleven op zijn verantwoordelijkheden aanspreken en samen naar een oplossing zoeken. Op dit moment vragen bedrijven vrijwillig bij hun eigen overheid een exportvergunning aan. Controle gebeurt pas achteraf – als de spullen al zijn geleverd. Het behoeft geen betoog dat dat niet werkt. Simpele douanecontroles schieten bovendien tekort: met een muisklik stuur je hele softwareprogramma’s de wereld rond. Er moet een Europese standaard komen, die bedrijven desnoods vertrouwelijk kunnen raadplegen, vóórdat zij een exportlicentie krijgen. Bij het toetsen van producteisen moet niet alleen de technische kant maar ook de context en het al dan niet bestaan van een rechtsstaat worden meegewogen. Geloofwaardigheid Europa verliest haar geloofwaardigheid als verdediger van mensenrechten, als onze eigen bedrijven het beleid ondermijnen. Handel en buitenlands beleid kunnen juist heel goed hand in hand gaan. De EU kan als economische grootmacht júist politieke invloed uitoefenen. Ook voor de bedrijven is er winst: open samenlevingen bieden veel meer economische kansen. De omwentelingen in Noord-Afrika en het Midden-Oosten hebben bewezen dat we betrekkingen moeten aangaan met bevolkingen, niet met hun dictators. Laat Europese ICT-bedrijven ook aan de kant van de bevolking en hun vrijheden staan!