Parlementaire vragen
15 juli 2011 E-006622/2011
Vraag met verzoek om schriftelijk antwoord
aan de Raad
Artikel 117 van het Reglement
Marietje Schaake (ALDE) en Doris Pack (PPE)
Betreft: Afwezigheid van een vertegenwoordiger van het Europees Parlement bij een bijeenkomst over „culturele diplomatie” in Pécs
Hoge ambtenaren van de Europese Ministeries van Buitenlandse Zaken en van Cultuur komen tussen 22 en 24 juni in Pécs bijeen in het kader van een initiatief van het Hongaarse voorzitterschap om binnen de EU een netwerk op te zetten van nationale aanspreekpunten voor culturele diplomatie (http://www.eu2011.hu/news/culture-may-also-play-conciliatory-role). Andere sprekers die voor de bijeenkomst zijn uitgenodigd zijn o.a. Jan Truszczyński, hoofd van het directoraat-generaal Onderwijs en cultuur van de Commissie, Katérina Stenou, coördinator van het Intersectorale platform van de UNESCO voor een bijdrage aan de dialoog tussen beschavingen en culturen en een cultuur van vrede, en Gerhard Sabathil, directeur strategie, coördinatie en analyse van de Europese dienst voor extern optreden (EEAS).
Is het Hongaarse voorzitterschap het ermee eens van mening dat het verstandig zou zijn geweest een vertegenwoordiger van het Europees Parlement op te nemen, in het bijzonder in de context van het onlangs op eigen initiatief verschenen verslag van het Parlement over „de culturele dimensies van het externe optreden van de EU”, dat met een grote meerderheid is aangenomen? En zo niet, waarom niet?
Is de Raad voornemens in de toekomst voor dergelijke evenementen een vertegenwoordiger van het Europees Parlement uit te nodigen? En zo nee, waarom niet?
Is het verslag van het Parlement over „de culturele dimensies van het externe optreden van de EU” tijdens de bijeenkomst besproken en wordt het Parlement nog geïnformeerd over de resultaten van de bijeenkomst? En zo niet, waarom niet?
Op de website van het Hongaarse voorzitterschap staat het volgende te lezen: „het Voorzitterschap stelt voor om, in samenwerking met de Commissie, een netwerk voor nationale aanspreekpunten voor culturele diplomatie op te zetten en om in de toekomst op een regelmatige basis vergelijkbare bijeenkomsten te organiseren”. Is het Voorzitterschap het ermee eens dat een dergelijk netwerk al bestaat, maar dat er behoefte is aan betere samenwerking tussen EU-lidstaten en hun nationale culturele vertegenwoordigingen? Is het Voorzitterschap het ermee eens dat de oprichting van de Europese dienst voor extern optreden het juiste momentum biedt om de externe culturele diplomatie van de EU te stroomlijnen en te coördineren, iets wat nu gefragmenteerd is over verschillende afdelingen (handel, ontwikkeling, cultuur en onderwijs, externe relaties en uitbreiding)?
Is het Voorzitterschap op de hoogte van het verslag van het Parlement over „de culturele dimensies van het externe optreden van de EU” en is het Voorzitterschap bereid de aanbevelingen die in dat verslag worden gedaan in overweging te nemen? En zo niet, waarom niet?
Klik hier voor het antwoord.