Parlementaire vragen
6 april 2010
E-2025/10
SCHRIFTELIJKE VRAAG van Marietje Schaake (ALDE) en Lena Ek (ALDE) aan de Commissie
Betreft: E-vaardigheden in de EU
Computervaardigheden bieden kansen op economisch herstel, zo werd onlangs benadrukt tijdens de Week van de e-vaardigheden (1-5 maart 2010). Terugdringing van het digibetisme en digitale uitsluiting is van elementair belang voor de toekomst van Europa, met name in het groter verband van de kenniseconomie en -maatschappij, waarin e-vaardigheden zich nog meer dan vandaag de dag tot onmisbare competenties zullen ontwikkelen.
Onderzoek vanuit verschillende hoek heeft aangetoond dat tussen nu en vijf jaar voor 90 procent van de banen in Europa ICT-vaardigheden vereist zijn, wat kennis van en scholing in ICT tot een noodzaak maakt. Volgens het jaarlijkse Gezamenlijk verslag over de werkgelegenheid van de EU van 15 december 2009 zal volgens de voorspellingen de werkloosheid in 2010 niet afnemen. De gehele arbeidsmarkt is zwaar getroffen door de crisis, maar voor jongeren, migranten en laagopgeleiden geldt dit nog in versterkte mate.
ICT-vaardigheden dienen binnen de context van een leven lang leren overgedragen te worden. Er lijkt echter een discrepantie tussen vraag en aanbod te bestaan, zo blijkt uit een artikel op Euractiv (http://www.euractiv.com/en/enterprise-jobs/jobless-women-want-more-e-skills-news-319228). Daar staat te lezen dat vrouwelijke immigranten in de EU behoefte hebben aan meer technische ondersteuning en IT-scholing, aangezien zij de computervaardigheden missen waar de werkvloer om vraagt.
In 2007 heeft de EU de Mededeling e-vaardigheden voor de eenentwintigste eeuw (COM(2007)496) vastgesteld. Binnen het kader van het actieprogramma op het gebied van een leven lang leren (LLP, transversaal programma) wordt enige aandacht besteed aan de toepassing van ICT binnen het groter verband van onderwijs en scholing in de EU. In de Mededeling „Europa 2020” van de Commissie (COM(2010)2020), worden „een digitale agenda voor Europa” en een „agenda voor nieuwe vaardigheden en banen” als speerpunten gepresenteerd, maar concrete verwijzingen naar de dringende behoefte aan verbeterde e-vaardigheden van alle Europese burgers ontbreken, terwijl de Commissie toegeeft dat een leven lang leren vooral voor hoger opgeleiden is weggelegd.
1. Wat zijn de voornaamste conclusies uit de resultaatanalyses van het Europese beleid? Zijn deze openbaar?
2. Hoe denkt de Commissie maatregelen ter bestrijding van het gebrek aan e‑vaardigheden onder Europese burgers in de Europa 2020-strategie te verwerken?
3. Is de Commissie voornemens concrete stappen te ondernemen (nieuwe initiatieven/programma's) om de aandacht voor digitale geletterdheid en participatie in het beleid van de lidstaten (afgezien van technische maatregelen zoals een verbeterde toegang tot breedband) te bevorderen?
4. Met welke maatregelen denkt de EU recht te doen aan het groeiende belang van e-vaardigheden voor onderwijs en scholing?
Klik hier voor het antwoord.