Parlementaire vragen
23 februari 2011 E-001618/2011
Vraag met verzoek om schriftelijk antwoord
aan de Commissie
Artikel 117 van het Reglement
Sophia in 't Veld (ALDE) , Renate Weber (ALDE) , Baroness Sarah Ludford (ALDE) en Marietje Schaake (ALDE)
Betreft: Hongaarse mediawet
Artikel 83, letter c) van de Hongaarse mediawet bepaalt dat media „de instelling van het huwelijk en de waardigheid van het gezin” moeten eerbiedigen. Tegelijkertijd heeft de Hongaarse regering voorgesteld om de grondwet zodanig te wijzigen dat huwelijken alleen gesloten mogen worden tussen een man en een vrouw en huwelijken van personen van hetzelfde geslacht worden verboden.
Het onlangs benoemde hoofd van de media-autoriteit veroordeelde in 2009 in een persbericht het besluit van de commissie radio en televisie om af te zien van sancties tegen een uitzending waarin tijdens een huwelijksplechtigheid een zoenend homoseksueel paar was te zien en stelde dat „de slotscène waarin het gespeelde huwelijk van twee mannen werd getoond een opzettelijke schending is van de instelling van het huwelijk”(1). Zij stemde ook steevast tegen sancties tegen televisie-uitzendingen waarin homofobisch taalgebruik werd gebezigd.
Is de Commissie niet ook van mening dat de grondwettelijke definitie van het huwelijk in samenhang met artikel 83 van de Hongaarse mediawet en de opvattingen van het hoofd van de media-autoriteit kan leiden tot een volledig verbod op het tonen van paren van hetzelfde geslacht in de Hongaarse media?
Mogen buitenlandse media, gezien het feit dat de nieuwe mediawet ook van toepassing is op niet-Hongaarse media, zich niet meer positief uitlaten over homo's, lesbo's, biseksuelen en transseksuelen, zelfs wanneer bijvoorbeeld het huwelijk van twee personen van hetzelfde geslacht is toegestaan in het betreffende land, aangezien hier anders eveneens sprake kan zijn van schending van artikel 83 van de Hongaarse mediawet?
Is de Commissie niet ook van mening dat het onzichtbaar maken van homo's, lesbo's, biseksuelen en transseksuelen in de media in feite neerkomt op discriminatie op grond van seksuele geaardheid als bepaald in artikel 21 van het Handvest van de Grondrechten, artikel 2 en 3 VEU en artikel 10 en 19 VWEU, en in strijd is met het recht op informatie en de vrijheid van meningsuiting als bepaald in artikel 11 van het Handvast van de Grondrechten?
(1) http://www.ortt.hu/hirek.php?hir_id=408
Klik hier voor het antwoord.