Parlementaire vragen
31 maart 2011 O-000082/2011
Vraag met verzoek om mondeling antwoord
aan de Commissie
Artikel 115 van het Reglement
Cecilia Wikström, Baroness Sarah Ludford, Jens Rohde, Sonia Alfano, Louis Michel, Nathalie Griesbeck, Marietje Schaake, Giommaria Uggias, Marielle De Sarnez, Ramon Tremosa i Balcells, Stanimir Ilchev, Ivo Vajgl, namens de ALDE-Fractie
Betreft: Reactie op de toestroom van migranten uit Noord-Afrika en de landen op de zuidelijke oever van de Middellandse Zee
De golf van politieke revoluties in Noord-Afrika gaat gepaard met een toestroom van migranten die proberen te ontkomen aan de instabiliteit en het geweld, met name in Libië. Tot nu toe zijn deze bewegingen hoofdzakelijk horizontaal en niet verticaal, en betreffen ze vooral de regio zelf (Tunesië, Egypte). Van de 350.000 mensen die na een maand van onrust Libië zijn ontvlucht, zijn 230.000 onderdaan van een derde land die proberen naar hun eigen land terug te keren. De meeste van hen zitten nu vast in Tunesië, Egypte, Niger en Algerije. Er zijn echter ook berichten van Tunesische migranten die op het eiland Lampedusa zijn aangekomen.
Kan de Commissie, in de wetenschap dat deze mensenstromen een logistieke uitdaging vormen en de solidariteit met de nabuurlanden en ook binnen de EU onder druk zetten, antwoord geven op de onderstaande vragen?
– Wat is de Commissie voornemens te gaan doen om de landen in de regio te helpen bij het beheren van de situatie en het geven van steun aan diegenen die in het gebied vastzitten en die mogelijkerwijs internationale bescherming behoeven?
– Wat is de Commissie, gezien de kritieke situatie van de migranten op Lampedusa en in de Griekse provincie Evros (waar de asielaanvraagdossiers van inmiddels ongeveer 50.000 mensen nog altijd niet zijn behandeld), voornemens te gaan doen om Italië en Griekenland te dwingen uitvoering te geven aan de richtlijn tijdelijke bescherming van 2001 en de richtlijn opvang van 2003?