Parlementaire vragen
5 juli 2010
O-0103/2010
Vraag met verzoek om mondeling antwoord
aan de Commissie
Artikel 115 van het Reglement
Sophia in 't Veld, Renate Weber, Sonia Alfano, Nathalie Griesbeck, Baroness Sarah Ludford, Marietje Schaake, Leonidas Donskis, Cecilia Wikström, Gianni Vattimo, Adina-Ioana Vălean, Marielle De Sarnez, Ramon Tremosa i Balcells, namens de ALDE-Fractie
Betreft: Toenemende bedreiging van de informatie- en mediavrijheid in EU-lidstaten en geplande maatregelen van de Commissie
Na de Tsjechische Republiek en Italië wordt ook in Hongarije, Estland en Roemenië gesproken over ernstige beperkingen van de informatie- en mediavrijheid, die tot doel hebben de regering de bevoegdheid te verlenen om de inhoud van berichten te bepalen, kritiek te censureren en de greep van de overheid op de media te versterken. In Hongarije voorziet een wetsontwerp in de oprichting van een door de regering gesteunde "mediaraad" voor de controle op de openbare media; de voorzitter van deze raad zal door de premier worden benoemd. In Estland behandelt het parlement een nieuw wetsvoorstel dat journalisten tot openbaarmaking van hun bronnen verplicht en in boetes voor kranten voorziet als de verdenking bestaat dat zij "potentieel schadelijke informatie" willen publiceren. In Roemenië heeft de Hoogste Defensieraad het parlement verzocht wetgeving goed te keuren naar aanleiding van de nieuwe nationale defensiestrategie, waarin wordt gewezen op "het verschijnsel van in opdracht gevoerde mediacampagnes om overheidsinstellingen in een kwaad daglicht te stellen door onjuiste informatie over hun activiteiten te verspreiden". Ook is er met bezorgdheid gereageerd op de herziening van de wetgeving inzake de openbare omroep. Hongaarse, Estse en Roemeense journalisten en uitgevers hebben, daarin gesteund door hun collega's in andere Europese landen, kritiek geuit op dergelijke maatregelen, omdat zij een aanslag vormen op de mediavrijheid in hun land en daarmee de klok op gevaarlijke wijze wordt teruggedraaid.
Is de Commissie van mening dat dergelijke wetsontwerpen verenigbaar zijn met de Europese normen voor de informatie- en mediavrijheid, zoals gewaarborgd door artikel 11 van het Handvest van de grondrechten van de EU, artikel 10 van het EMRV met de desbetreffende jurisprudentie en artikel 6 van het VEU?
Is de Commissie ook van mening dat vrije media een fundamenteel onderdeel van de democratie vormen, dat de EU en haar instellingen moeten beschermen, zo nodig door artikel 7 van het VEU in werking te stellen?
Wat wil de Commissie doen om te zorgen voor een behoorlijke en volledige naleving van alle relevante wetgeving op het gebied van de interne markt, audiovisueel beleid, mededinging, telecommunicatie, staatssteun, openbaredienstverplichting en grondrechten?
Wanneer verschijnt de mededeling over indicatoren voor het pluralisme in de media (aangekondigd voor 2010) en wat zijn de volgende stappen? Zal de Commissie met name voorstellen de richtlijn televisie zonder grenzen zodanig aan te passen dat daarin de mediavrijheid en het pluralisme in de media worden opgenomen?